Overslaan en naar de inhoud gaan

Gemeenschapskrant

Het publiek kiest de muziek, net als in een Jukebox - Vlaamse klassiekers in een nieuw jasje

31/10/24

‘Het is alsof je pas echt van iets kan genieten als je beseft dat je vervangbaar bent’, zegt liedjesmaker Kevin Van Staeyen. Sinds een surrealistische bijna-doodervaring zit hij vol levenslust en ook jij kan daar getuige van zijn tijdens het jukeboxconcert van zijn band Neomaan.

De Vlaamse Jukebox
© Tine Dewilde

Als Neonerd haalde Kevin Van Staeyen (44) in 2011 de derde plaats in de Nekka-wedstrijd. Het samen met Veerle Baetens ingezongen Stop! passeert weleens op Radio 1. Het was een van de charmante liedjes met filosofische inslag uit het debuutalbum Bijna willekeurig (2013), dat opgevat als verhaal allesbehalve willekeurig was. De opvolger Bijna op tijd heeft een even ironiserende titel. De liedjes kregen hun vuurdoop tijdens een reeks jukeboxconcerten waarmee de zanger en zijn band (met o.a. zangeres Soetkin Collier van Urban Trad) al een tijdje door Vlaanderen trekken en lokale klassiekers in een nieuw jasje stoppen.

De bandleider ontvangt ons in zijn goed verstopte woonst in Zutendaal. Hij heeft zijn opgeknapte art-decohuis in Niel verkocht, was eigenlijk op zoek naar een vierkantshoeve, maar kwam midden in de bossen terecht. De verhuis stond net als de nieuwe groepsnaam, band en plaat voor de verse adem die hij gevonden heeft nadat hij vijf jaar geleden verkeerdelijk gediagnosticeerd werd met klierkanker. ‘Ze hadden me nog twee weken gegeven’, klinkt het ergens tussen opluchting, ontzetting en verbazing. ‘Ik krijg nog steeds kippenvel als ik eraan terugdenk.’ Dat hij nu fris en monter voor ons zit, heeft hij te danken aan een alerte dokter op de palliatieve ziekenhuisafdeling, die hem aan een baxter met antibiotica legde, waarna hij helemaal opknapte.

Van gimmick tot jukebox

Van Staeyen is opgeleid als jazzmuzikant en speelt intussen bijna een kwarteeuw 12CULTUUR muziek viool bij Le Trio Perdu, dat gipsyjazz uit de hoogdagen van Django Reinhardt brengt. Vroeger zong hij uitsluitend in het Engels, een taal die hij door zijn ex-vrouw, die in Oxford woonde en werkte, behoorlijk onder de knie heeft. ‘In het Engels zou ik nooit kunnen verwoorden wat ik in mijn moedertaal wel kan.’

Dat hij overschakelde naar het Nederlands heeft hij te danken aan een pokerspel met vrienden. ‘Ze hadden voor de verliezer een persoonlijke opdracht verzonnen. Ik ben nogal nerdy en kom uit het jazzmilieu, waarin men vooral standards speelt, dus moest ik tien zo gênant mogelijke liedjes over mezelf maken, maar dan in het Nederlands.’ Achter zijn rug schreven zijn makkers hem in voor de Nekkawedstrijd, waar hij onverwacht het podium haalde. Even later mocht hij een platencontact tekenen bij Hans Kusters Music. ‘De nieuwe nummers zijn geen gimmicks meer. Ze hebben veel langer kunnen rijpen’, vervolgt Van Staeyen. ‘Onze manager Wilfried Brits stelde voor om ze in afwachting van de release met mondjesmaat te spelen tussen een breder repertoire van Vlaamse klassiekers. Dat blijkt een geweldig succes te zijn.’

‘Voor de jukebox laten we het publiek meestal kiezen uit twee of drie liedjes. Die kunnen allemaal van Louis Neefs zijn, maar ook uit totaal verschillende genres komen. Soms meet ik het applaus, soms laat ik iemand uit de zaal kiezen uit de lijst van in totaal 150 liedjes.’ Die liedjes ingeoefend krijgen was voor de bandleden geen sinecure. ‘Ik heb alle partituren uitgeschreven, want de akkoorden die ik op het internet vond, waren niet altijd correct.’

Herkenbare frustraties

De klassiekers die hij eerst niet tof vond, zoals Ik mis je zo en Eenzaam zonder jou, zijn in hun nieuwe vorm uitgegroeid tot zijn lievelingsnummers. ‘Vroeger had ik een hekel aan Will Tura, misschien omdat hij veel op stond bij mijn grootmoeder, maar door zijn nummers uit te schrijven en te analyseren heb ik mijn mening moeten herzien. Het viel me op dat oudere muziek vaak beter in elkaar steekt dan modernere. Veel nummers die ik nu op de radio hoor, lijken me snel in elkaar geflanst.’ ‘Ik daag je uit om tien oud-Vlaamse liedjes op te noemen. Vraag een Ier hetzelfde over zijn songpatrimonium en hij is morgenvroeg nog bezig.’ Met Drs. P, Hugo Matthysen en de Nederlandse cabaretier Kees Torn als voorbeelden hoopt hij zelf ook navolging te creëren. Dat doet hij door zijn liedjes te voorzien van enkele welgemikte kwinkslagen en veel herkenbare frustraties, zoals in dat nummer over mensen die hun (amateur)sport wel heel serieus nemen. ‘Ik zie ’s zondags geregeld groepjes fietsers in hetzelfde pakje voorbij zoeven. Als er dan een kind in de weg staat, wordt er weleens gevloekt. Daar doe ik iets mee.’

Ernstige nar

Van Staeyen ziet te weinig humor en zelfrelativering in de wereld én de muziek. ‘Ik probeer mijn kinderen op te voeden met het idee dat zwart-wit niet bestaat en dat je met jezelf mag lachen. We zijn máár mensen! Ik kan heel ernstig zijn en ik ben tegelijk de grootste nar. Alles weglachen kan natuurlijk niet. Ook ik moet soms om negen uur aan mijn piano gaan zitten om een nummer af te werken.’

Maar veel problemen komen volgens de zanger voort uit het feit dat we onszelf veel te belangrijk zijn gaan vinden. Dat besefte hij toen hij zogezegd terminaal was. ‘Plots wilde ik nog allerlei dingen beginnen te regelen. Dingen die ik graag van mijn ouders had meegekregen had ik op papier gezet voor de kinderen, inclusief de leeftijd waarop ze het mochten lezen. Tot ik dacht: maar nu begin ook jij jezelf wel heel belangrijk te vinden.’ De echte winst kwam natuurlijk toen hij vernam dat hij voort zou blijven leven. ‘Sindsdien focus ik me veel meer op mijn rol als vader en op wat ik voor de gemeenschap kan betekenen. Die maturiteit is overnacht gekomen. Alsof je pas echt van iets kan genieten als je beseft dat je vervangbaar bent. Ik ben ook meer viool beginnen te spelen, gewoon omdat ik het zo leuk vind.’

Door Soetkin bij de groep te halen hoeft hij ook niet meer constant in de spotlights te staan. ‘Zangers en muzikanten beoefenen een ander soort vak. Als zanger moet je bezig zijn met het betoveren van je publiek. Als muzikant kan je ook even je ogen sluiten en gáán. Aan dat laatste beleef ik minstens evenveel plezier.’

Meer nieuws

  • Op vakantie in iemand anders’ huis

    09/07/26

    Huisruil is een mooie vakantieformule die te vaak over het hoofd wordt gezien. Jempi en Yolande De Cooman uit Sterrebeek hebben decennialange ervaring als huisruilers.

  • RandKrant. Clara Spilliaert met expo in Gaasbeek: de aardworm als kasteelbewoner

    Start de zomer met de nieuwe RandKrant

    30/06/26

    Mooie vakantieplannen in het verschiet en nog op zoek naar een leestip (of een handige waaier voor wat verkoeling)? De nieuwste editie van RandKrant ligt voor je klaar aan ons onthaal!

  • Tickets cultuurseizoen 26-27 vanaf vandaag te koop!

    11/06/26

    Vanaf vandaag kan je je tickets kopen voor komend cultuurseizoen, voor alle cultuurhuizen uit de Druivenstreek-regio. Theater, muziek, comedy, film, ... het aanbod heeft voor iedereen wel iets!