Gemeenschapskrant

Anny Menten woont al 82 jaar in Kraainem

07/10/22

Het jaar van haar geboorte brak de Tweede Wereldoorlog uit, wat haar kinderjaren getekend heeft. Ondertussen loopt Anny Menten een kleine eeuw in Stokkel rond, en ze heeft de wijk zien veranderen. Als je je als Anny ook nog decennialang inzet voor een resem buurtverenigingen, maak je wel wat mee.

©Tine De Wilde

‘Ik gaf elke dag een kus op een foto van mijn vader’

Verschillende straten in Stokkel zijn momenteel afgesloten omwille van asfalteringswerken. Ook aan de Baron Albert d’Huartlaan zijn wegenwerken aan de gang. Anny woont in de Koningin Astridlaan. De werken beperken haar een beetje in haar bewegingsvrijheid, maar ze heeft er begrip voor. Als 82-jarige weet ze inmiddels dat niets ophoudt te veranderen, niet het minst de wijk waar ze al heel haar leven woont.

Spelen in de schaduw van de oorlog

‘Ik ben geboren op de Kraainemse hoek boven het café van mijn grootmoeder. Dat café heette officieel Au repos des combattants, maar iedereen noemde het Bij Lambeau. De bijnaam van mijn grootmoeder was Belle Lambeau. Ze werd heel vroeg weduwe. De naam van mijn grootvader prijkt op de muur van het gemeentehuis. Hij was een van de soldaten die in 1923 overleed aan de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog. Grootmoeder zelf overleed pas in 1975, op 93-jarige leeftijd. Met het café was ze in de jaren vijftig gestopt. Nu heb je daar het restaurant Le petit Monico.’

Anny heeft het café nog van dichtbij meegemaakt. Om te beginnen was het de plek waar haar leven begon. ‘Op vrijdag was de jongste broer van mijn vader nog overleden aan een appendicitis tijdens zijn legerdienst, en op maandag werd ik geboren. Met de hulp van dokter Simon, de enige arts die thuisbevallingen deed.'

We schrijven het jaar 1940. Anny’s vader, die beroepsmilitair was, werd in datzelfde jaar krijgsgevangen gemaakt. ‘Vermits hij tijdens de hele oorlogsperiode in Duitsland vastzat, zag ik hem pas voor het eerst toen ik vijf jaar was. Tijdens zijn afwezigheid moest ik van mijn moeder iedere avond een kus geven op een foto van hem.’ Bij zijn terugkeer werd de man door het dorp onthaald met een bescheiden boeket.

Als kind kon Anny nog overal spelen in Stokkel. ‘Ik heb nog geweten dat aan de Hinnisdaellaan het kasteel van Dumon stond. We speelden met de kinderen van de buurt op straat en in het oude pachthof. Ik denk dat mijn verste reis als kind een wandeling door het bos naar Jezus-Eik was.’

Tot aan de Naamsepoort

In 1967 bouwde Anny haar huis naast dat van haar ouders in de Koningin Astridlaan. Ze nam al snel de zorg voor haar moeder op zich. ‘Op haar tweeënveertigste kreeg zij een zwaar hartinfarct waarvan ze nooit helemaal is hersteld. De geneeskunde stond toen nog niet zo ver.’ Gelukkig lijkt Anny eerder het gestel van haar grootmoeder te hebben geërfd. Ze is bovendien nog altijd getrouwd met haar man Roger, die een jaartje ouder is.

Anny heeft ook een tijdje gewerkt. ‘Na mijn schooltijd in onder meer de Voorzienigheid zeiden ze daar dat ik naar de normaalschool in Mechelen moest, om dan zelf les te kunnen geven. Maar dat was een hele expeditie: eerst met de tram naar het Noordstation, dan op de trein, en dan nog eens een bus in Mechelen. Ik zag dat niet zitten. Achteraf gezien had mijn moeder me misschien moeten verplichten’, bedenkt Anny zich. Toch beleefde ze nog een mooie tijd bij textielbedrijf La Lorraine aan de Brusselse Hallepoort. ‘Met tram 41 tot aan de Naamsepoort en dan correspondentie vragen tot aan de Hallepoort. Toen de productie naar het buitenland verhuisde, stonden we echter allemaal op straat.’ Vandaag komt Anny niet vaak meer in de hoofdstad, tenzij om op de Grote Markt eens naar het bloementapijt te gaan kijken.

Druiven en wijn

Heel wat oudere Stokkelaars zullen Anny nog kennen van wat ze allemaal voor het plaatselijke gemeenschapsleven heeft gedaan. De verenigingen waarvoor ze zich inzet(te) zijn bijna te talrijk om op te sommen. ‘Ik ben lid van de KAV, die nu Femma heet. Daar hebben we een Lourdeswerking waarmee we elk jaar een uitstap doen naar een Lourdesgrot. Volgend jaar trekken we waarschijnlijk naar Nederland. Om de drie jaar gaan we ook naar Lourdes zelf. De eerste keer was in 1982, toen met een groep van 91 mensen uit Stokkel, en nog eens 60 mensen uit Woluwe. Allemaal stapten we op de trein, die vanuit Schaarbeek vertrok.’

Eind september bracht Anny voor Ziekenzorg nog een bezoekje aan 60 zieken en alleenstaanden. ‘Dan koop ik druiven bij Dewit in Tervuren. Vier keer vijftien trossen, want anders kan ik het allemaal niet dragen.’ En tijdens de zondagse mis is Anny ook nog altijd van de partij. Die vindt al lang niet meer plaats in het oude kerkje van Dumon, waar in de jaren zestig zo veel volk buiten moest staan dat het werd vervangen door de huidige Onze-Lieve-Vrouw-van-Stokkelkerk. Vandaag volgen er slechts een twintigtal gelovigen de mis. ‘Tegen pastoor Johan Dobbelaere, die ondertussen ook al vijf jaar weg is, heb ik destijds nog gezegd dat hij zijn boetiekske zou kunnen toedoen als wij niet meer komen (lacht). Corona heeft dat allemaal nog versneld. Veel mensen kijken nu naar de misviering op tv.’ Het wijkfeest van de parochie afgelopen september was het laatste dat Anny mee organiseerde. ‘De medewerkers worden te oud en voor mij is het te zwaar geworden.

Anny vertelt nog graag even over de Wijngilde waar ze voorzitter van is geweest. Over de oenoloog die hen de knepen van het vak kwam leren, maar zelf iets te veel flessen opentrok. En over het legendarische jaarlijkse champagnefeest. De Wijngilde bestaat nog altijd, maar Anny is ook tevreden met haar glazen flessen Spa Reine – ze wil plastic verpakkingen zo veel mogelijk vermijden – die ze in de supermarkt gaat halen. Ondertussen gaat Roger naar de bakker en de krantenwinkel. En zo leven ze nog lang en gelukkig.

Tekst: Michaël Bellon
Uit: Lijsterbeskrant oktober 2022

 

 

Meer nieuws